Niet-invasieve beademing: behandeling
Niet-invasieve beademing (NIV) is een behandeling waarbij een toestel lucht aanblaast om de luchtverversing in de longen te ondersteunen.

De VNI is gesynchroniseerd met de ademhaling van de patiënt. De lucht wordt toegediend via een slang en een aangepast masker dat over de neus wordt gedragen of over neus en mond.

VNI is aangewezen bij alveolaire hypoventilatie, die zich uit in een verhoogde hoeveelheid koolstofdioxide (CO₂) in het bloed. Het toestel wordt meestal tijdens de slaap gebruikt, soms ook overdag. Het zorgt voor een betere rust van de ademhalingsspieren.

VNI, voor wie?

Verschillende categorieën van luchtwegaandoeningen kunnen met VNI worden behandeld. Patiënten met chronische ademhalingsinsufficiëntie en patiënten met ernstige en instabiele chronische obstructieve longziekte (COPD) zijn de belangrijkste doelgroepen van deze behandeling.

Het herstel van een zo normaal mogelijke ademhalingsfunctie leidt bij de meeste patiënten tot een verbetering van verschillende klinische parameters, zoals een vermindering van het aantal opstoten bij COPD-patiënten, een verbetering van hun levenskwaliteit en een afname van kortademigheid bij inspanning, enz.

Les bénéfices du traitement

 

Om doeltreffend te zijn, moet VNI regelmatig en dagelijks worden gebruikt, gedurende meerdere uren per dag. Het doel van de beademing is de luchtverversing in de longen te ondersteunen. Dit helpt om een teveel aan koolstofdioxide in het bloed te verminderen, evenals de daarmee samenhangende symptomen (vooral hoofdpijn).

De patiënt merkt vaak snel een duidelijke verbetering van zijn ademhalingsstatus. Regelmatig gebruik van de beademing vermindert de belasting van de ademhalingsspieren en voorkomt zo vermoeidheid, die ademhalingsklachten kan veroorzaken.

  • Verhoging van de levensverwachting
  • Vermindering van ziekenhuisopnames
  • Vermindert het risico op intubatie via tracheotomie of endotracheale tube
  • Vertraging van de verergering van de aandoeningen
  • Verbetering van de slaap

Start van uw behandeling

Het begin van de behandeling

De behandeling met niet-invasieve beademing (VNI) start meestal tijdens een ziekenhuisopname. Deze beslissing wordt genomen door uw voorschrijvende arts. Hij of zij bepaalt de precieze instellingen van het toestel, het type masker en organiseert de nodige opvolging.

De installatie

Een technicus van Elia Médical komt bij u thuis om de door uw arts voorgeschreven VNI te installeren. Hij legt u uit hoe u het toestel gebruikt, hoe u het onderhoudt en geeft u instructies over de veiligheidsvoorschriften. De technicus zorgt er ook voor dat het masker goed is aangepast en comfortabel zit, wat essentieel is voor een goede therapietrouw.

Maskers en onderhoud

Het neuskussenmasker is kleiner en discreter en wordt onder de neus geplaatst.

Het neusmasker bedekt de neus.

Het gezichtsmasker bedekt neus en mond.

Plaats uw masker op het gezicht en houd het op de neus vast.

Stel vervolgens de banden in die zich dicht bij het masker bevinden.

Pas daarna de banden op het voorhoofd aan.

Als er lucht ontsnapt, til het masker op en positioneer het opnieuw.

Haal alle onderdelen van uw masker uit elkaar.

Reinig het masker zorgvuldig. Laat het niet langer dan 10 minuten in water liggen.

Was de hoofdband één keer per week.

Spoel alles goed af en laat het drogen, uit de zon.

Het ventilatietoestel

Voor de behandeling met niet-invasieve beademing wordt een klein ventilatietoestel gebruikt dat lucht onder druk toedient tijdens in- en uitademing om de ademhaling te ondersteunen. De lucht wordt aan de patiënt toegediend via een neuskussen-, neus- of gezichtsmasker.

Dit toestel vermindert de inspanning van de ademhaling en vergemakkelijkt het werk van de ademhalingsspieren. De ademhalingsstatus van de patiënt verbetert daardoor: het zuurstofgehalte stijgt en het CO2-gehalte daalt.

Heeft u nog vragen?